Urbex – een weekend vol belevenissen!

Sinds 2014 ben ik toch wel geïnteresseerd geraakt in het fotograferen van Urbex, de in dit artikel geplaatste foto’s zijn allen door mij gemaakt en mogen niet zonder toestemming gebruikt worden.

Urbex is een afkorting van urban Exploring waarbij het gaat om het opsporen en fotograferen van de schoonheid van verval. Een verlaten villa’s, boerderijen, fabrieken, kerken of kastelen, soms zelfs nog compleet met inboedel. Ook in onbruik geraakte metrobuizen, oude treinstellen, spooksteden leveren verrassende beelden op, je waant je soms in een slaapkamer waar de bewoner net uit bed is gestapt of net heeft ontbeten.

Het vinden van locaties vergt erg veel tijd, m.b.v. Google, Street view en satellietbeelden, foto’s van urbex-locaties van anderen helpen je hier verder bij.

Zodra er een leuk aantal locaties is gevonden maken we een route en trekken we vanwege de afstand er 2 dagen voor uit, dit betekent dat wij altijd naar het buitenland moeten omdat in Nederland vrijwel alles direct gesloopt wordt.

Locaties worden geheimgehouden en zelden vrijgegeven, wat het lastig maakt voor nieuwkomers zoals wij, je moet alles zelf uitzoeken, hoe je er binnenkomt en of het er nog is. Gelukkig zijn er een aantal mensen die een RIP-lijst online hebben staan zodat je een indicatie krijgt of het al dan niet de moeite waard is.

Voor vertrek zorg je dat de basisuitrusting in orde is:

  • Camera + volle accu en reserve accu
  • Objectieven, super groothoek is heel handig
  • Statief met draadontspanner
  • Zaklamp of via smartphone zaklamp
  • Volgeladen smartphone + powerbank
  • Eten en drinken
  • Stevige donkere kleding en schoenen
  • Verbandtrommeltje
  • Schroevendraaier, sleutelsetje, oude klantenpas (soms wil een deur daar mee open)
  • Vochtige doekjes


Eenmaal op de locatie is het eerst van belang om te kijken waar we kunnen parkeren zonder al te veel op te vallen bij buren etc. maar ook hoe we naar binnen kunnen komen, dat is soms lastig maar het kan ook zo zijn dat je zo naar binnen kunt stappen. Eenmaal binnen is het goed opletten en testen of er geen gevaarlijke verrotte vloeren, trappen etc. zijn, sommige panden zijn namelijk in zeer slechte staat.

Je fotografeert vaak onder slechte lichtomstandigheden en een statief is echt noodzakelijk, zet de ISO zo laag mogelijk, je werkt vanaf statief met stilstaande onderwerpen, de sluitertijd is niet van belang. Zelf fotografeer ik altijd op de M-stand (RAW - AWB) omdat ik alles zelf in kan stellen, als je dit eenmaal gewend bent wil je niet anders meer. Op de locaties zal je zien dat je heel anders moet gaan kijken, soms ziet het er ogenschijnlijk oninteressant uit maar valt er in de nabewerking een geweldige foto uit te halen.

In 2017 hadden we een leuke trip samengesteld in België, net onder Turnhout richting Mechelen.

We startten bij de helaas inmiddels verbrande farm “Paternoster”. Het grappige is dat een pand er vaak aan de buitenkant lelijk uitziet maar een pareltje voor de urbexer is als je over de drempel stapt, zo ook hier. De pannen stonden zelfs nog op het fornuis, wel erg smerig allemaal natuurlijk maar oh zo gaaf!

De wind blies boven door de kapotte ramen en zorgde ervoor dat de oude gordijnen rafelig en vol gaten wapperden, fraaie houten en zelfs opgemaakte bedden, kleedje ervoor, oude houten kinderstoel, kastjes, medicijnflesjes, alles stond er nog. Er viel mooi licht naar binnen en konden we sfeervolle beelden maken, in de voormalige stal stond het vol weckpotten en een oude kinderwagen, in de kelder nog wat ingemaakte groenten, vergeelde sperziebonen die er niet echt smakelijk uitzagen.

Aangezien we een aardig aantal locaties op ons programma hadden staan zijn we na 2 uurtjes weer verder gegaan. In een klein dorpje stond de villa die wij op het oog hadden, eerst over het hek geklommen maar helaas bleken alle deuren van deze prachtige villa net voorzien te zijn van nieuwe glimmende hangsloten. We stonden met de neuzen tegen de ramen en zagen we een volledig gemeubileerd huis, een aantal oude vogelkooien en fladderende vlinders tegen de ramen. Bij een nabijgelegen restaurantje gevraagd of de eigenaren toevallig bereikbaar waren maar helaas waren die verhuisd en hebben dit volledig gemeubileerd achtergelaten.

Verder richting Aarschot waar we meer geluk hadden en een (van de buitenkant gezien) enorm saai huis zo binnen konden lopen. Tot onze verrassing troffen we een geweldig mooi interieur aan. Het kristallen glasservies stond uitgestald op een tafel en in de “zondagse” kamer stond de tafel gedekt en konden we bij wijze van spreken zo aan tafel, ongelooflijk, dit soort dingen zijn dan ook wel de dingen waar je blij van wordt.

Overal zie je toch wel meerdere kruizen aan de wand hangen, in elke kamer staat of hangt er wel eentje, zo ook op de site te zien is.

Na een paar huisjes bezocht te hebben werd het tijd om ons hotel in Leuven op te zoeken, een leuk restaurantje gevonden waar we heerlijk gegeten hebben. Teruglopend naar het hotel kwamen we honderden rolkoffers tegen, wat een herrie, alle studenten kwamen vanaf het station weer richting centrum en dat hebben we geweten ….

De volgende ochtend stond de Oriënt-Express op het programma, vooraf had ik via Google al gekeken hoe we daar konden komen, langs het hele spoor stond een hoge betonnen muur, onmogelijk hier overheen te komen.

De Oriënt-Express was een beroemde luxetrein van de Belgische Compagnie Internationale des Wagons-Lits die van Parijs naar Constantinopel, tegenwoordig Istanboel, reed. Deze trein reed als lijndienst, met onderbrekingen en via verschillende routes, onder verschillende namen tussen 1883 en 1977 en staat dus op het rangeerterrein in Leuven af te takelen.

Er restte ons niets anders dan via de officiële toegang het terrein op te gaan, al snel zagen we dat in een van de gebouwen het Politiebureau zat, tja wat nu?

Het was erg rustig gelukkig en we zagen niemand, voorzichtig en wat bukkend toch voorzicht langs het politiebureau gelopen. Daar zagen we een grote loods waar de Oriënt-Express met wagons gerangeerd stonden.

Zoals op veel urbex-locaties was er e.e.a. vernield en voorzien van graffiti. Vooral jammer dat de oude luxe zetels gevuld met paardenharen door vandalen beschadigd zijn en overal in de trein en wagons graffiti te zien was, toch een paar leuke foto’s kunnen maken met de super groothoek.

We hadden nog 3 superleuke locaties gepland, Bloso Hofstade, Boucherie Gepetto en Farm B&J dus het was tijd om te vertrekken.


BLOSO - Hofstade

Deze locatie was vrij eenvoudig te vinden en dat was best lekker na al dat gezoek, auto’s geparkeerd en lekker al wandelende door het park van het nieuwe zwembad naar het oude vervallen openluchtzwembad dat in 1990 gesloten werd. Om op het terrein te komen moesten we door hekken en al zigzaggend door de kleedkamers om bij het gebouw te komen.

We splitsten ons in twee groepjes waarbij twee 2 urbexers langs de oeverrand naar het gebouw aan de overkant liepen.

Zelf was ik bezig in het deel wat je hier op de foto ziet, prachtige structuren en een oude klok hing aan de kop van het gebouwtje waar voorheen de kantine gevestigd was. Een paar urbexers waren op de trappen bezig en buiten op het terrein. Opeens hoorde ik iets achter mij en dacht dat het een van mijn mede-urbexers was maar nee het was een behoorlijk boze man, de beheerder van het terrein!

We moesten direct komen, oh zei er eentje hoe komen we bij u dan? De man antwoordde woest “hoe je gekomen bent natuurlijk!”

Wij zo langzaam mogelijk teruglopen, zodat ik kon proberen de anderen aan de overkant te bellen en te waarschuwen, helaas werd de telefoon niet opgenomen.

Bij het hek aangekomen stond de man ons op te wachten en snauwde ons toe of wij het normaal vonden zo naar binnen te gaan. “Meneer, het hek stond open” merkte een van de urbexers op, dit was een foute opmerking, want de man reageerde daarop met de vraag of wij het normaal vonden als de voordeur van je huis openstaat en er vervolgens mensen zomaar naar binnen lopen ……

De man vroeg of er nog meer mensen waren, wij hebben ons van de domme gehouden en gezegd dat dit groepje ons urbex-groepje was (en duimden dat de andere twee onderdoken).

Wij moesten de foto’s wissen in het bijzijn van de man of anders haalde hij de politie erbij en zouden wij een bekeuring krijgen van ca. €200, pfff, dan is de keuze snel gemaakt natuurlijk. Ik probeerde de man nog wat te kalmeren door wat neutraler gespreksstof aan te snijden, het ontstaan van het zwembad etc. en dat wij niet de intentie hadden iets te slopen of wat dan ook. De man was niet over te halen en de foto’s moesten gewist, zo jammer want er waren een aantal zeer gave bij, ik durfde het aan om de bovenstaande 2 foto’s toch te bewaren.

Nadat wij “alles” gewist hadden wenste de inmiddels gekalmeerde en wat vriendelijker geworden man ons een prettige dag toe en stapte in zijn patrouillewagen.

Tja, hoe nu verder, we mochten nog wel op afstand fotograferen met het water ertussen maar onze andere urbexers zaten nog aan de overkant. Ik probeerde nogmaals te bellen maar geen reactie, tot overmaat van ramp zagen we hen buiten bij het gebouwtje voor de installaties fotograferen.

Het verhaal van de een van de urbexers aan de overkant van het water:

“Ik zat daar aan de overkant zo heerlijk in mijn bubbel dat ik helemaal niet meer door had dat we eigenlijk iets deden wat niet mocht en stond daar open en bloot te fotograferen en naar de man te zwaaien. Ik dacht nog heel onnozel: heeft hij het nu tegen mij? Ik keek nog omhoog tegen wie hij het had en zwaaide lief terug en ging door met fotograferen totdat de man naar onze kant was gelopen en boos zei dat wat we deden niet mocht. Ik zei hem nog; ja maar we hebben niets gesloopt hoor, we konden zo naar binnen, we maken alleen maar foto's. Ja, zei hij: je mag toch in Nederland ook niet zomaar overal naar binnen waar een hek omheen staat? Nee, zei ik, u heeft helemaal gelijk. Sorry maar we zijn erg netjes.

De man: “Nou, je moet al je foto's wissen en van je medekandidaat ook.”

Oké dat gaan we doen, ik kom, even omlopen en M. geroepen en gezegd wat er aan de hand was.

Potver dachten we: niet wetende wat er met jullie (de andere groep) gebeurd was. Ik zei tegen M: heb jij nog een kaartje? Wisselen dan en snel nog wat foto's maken voor de nep! Terwijl we omliepen het kaartje verwisseld maar M. was zo zenuwachtig dat het niet lukte, ik zei ik doe net of ik hem niet begrijp, ik ga onnozel doen. Dus liep ik met bonkend hart op hem af: “nou sorry hoor, ik begrijp u helemaal, ik heb alles gewist!

Huh zegt die man, dat was natuurlijk niet de bedoeling, je moest het bij mij wissen! Ohhh zei ik heel onnozel. u zei dat ik het moest wissen dus dat heb ik gedaan. Kijk maar!😂


Vervolgens moest ook M. de bestanden wissen onder zijn toeziend oog, ze had wat foto's op de terugweg gemaakt en was die aan het wissen waar hij bij stond. De man was inmiddels helemaal in gesprek met mij en hij niet echt meer oplette wat M. aan het doen was, dus M. dacht: ha dat is handig, ik heb geluk. Dus zei ze heel hard, ”zo” dat was de laatste!” En ja hoor hij vroeg en keek niet verder.

Aan de twee urbexers werd ook gevraagd of ze bij ons groepje hoorden, dit hebben zij ontkend gelukkig, wij hebben heel nonchalant nog wat foto’s gemaakt aan de overzijde en niet op hen afgestapt. Pas bij de auto’s zagen we elkaar weer ;-).

Voortaan stoppen we zeker een extra SD-kaartje in onze zak, direct zorgen dat er een paar foto’s mee gemaakt worden en dan wisselen voor een andere SD-kaart waar je de serie op wilt zetten. Mocht je betrapt worden dan kan je eventueel als je voldoende tijd hebt dit ongezien te doen, het SD-kaartje wisselen en anders heb je in ieder geval nog iets op een van beiden staan.


Boucherie Gepetto

Een locatie waar ik samen met een andere goede kennis en urbexer enorm veel dagen mee bezig ben geweest om de locatie te achterhalen. Soms zaten we tot in de nacht via de WhatsApp dingen door te sturen en te zoeken, we moesten en zouden het vinden!

Toen we het hadden gevonden zagen we wel dat het een onooglijk huisje was waarvan je nooit gedacht zou hebben dat het binnenin zo mooi zou zijn.

Het huisje lag aan de doorgaande weg in een gehuchtje, de auto’s langs de weg geparkeerd en gezwaaid naar een buurvrouw en gewoon doorgelopen. Door de heg en via de losse op een kier staande achterdeur naar binnen.

De slagerswinkel was nog zeer authentiek, aansluitend een woonkamer met alles er nog in!


Na dit juweeltje dat alle uren zoekwerk zeer zeker de moeite waard is geweest gingen we naar onze laatste locatie voor we weer richting huis zouden gaan, het was Farm B&J.

We reden met twee auto’s richting Farm B&J, de andere auto was net even eerder dan wij gearriveerd en zij liepen op de farm af.

Bij de oude farm aangekomen zei urbexer S. tegen de rest: “kom maar meiden daar staat een houten schot voor het raam en dat zit los”, terwijl ze het schot weghaalde kletterde erachter een stalen pijp naar binnen, de pijp hield zo te voelen het houten schot tegen. Door een houten schot lieten zij zich natuurlijk niet tegenhouden, dus klom S. naar binnen.

Terwijl ze half binnen was zei ze tegen de meiden: whow! Het is gaaf hierbinnen hoor, echt top! En zei ook nog “hehhhh er staan colaflessen binnen, wat apart.” Terwijl ze opkeek keek ze recht in de ogen van een oude man in een oude jas die heel boos zei: “wat moet dat daar!”

S. schrok enorm want dat had ze niet verwacht en zei tegen de man “oh sorry” en klom weer terug uit het raam en deed weer netjes het schot terug voor het raam.

Vervolgens draaide zij zich om en zag het verschrikte gezicht van C. die eerst hardlopend weg liep en het vervolgens steeds sneller op het rennen zette en achter de auto ging zitten. Vervolgens rende M. er ook maar achteraan en tot slot S. ook omdat het onduidelijk was wat de oude man van plan was.

Wij zaten nog steeds in de op de weg stilstaande auto met de ramen open het hele spektakel te bewonderen en zagen het oude mannetje woest zwaaiend naar buiten komen “rennen” en viel het ons mee dat hij geen geweer in zijn handen had.

Om de kat niet op het spek te binden zijn wij maar om het op het kruispunt staande mannetje heengereden en deden of wij er niets mee te maken hadden, even verderop ontmoetten wij elkaar en hebben ons de tranen gelachen.

C. vroeg zich af wat er toch allemaal gebeurde en of dit wel normaal was, zij was voor de eerste keer mee op urbex-trip, gelukkig maken we dit zelden mee.

Helaas geen foto’s van een gave oude Singer naaimachine die daar moest staan, vooraf meermaals gecontroleerd of het leegstond en dat was bevestigd. Het mannetje is waarschijnlijk in zijn middagdutje gestoord door de kletterende metalen buis ….. we kunnen ons voorstellen dat hij boos was.


Het einde van de urbex-trip verliep op een grappige en onvoorspelbare wijze en hebben we er nu nog regelmatig lol om.